Aantal woninginbraken in 2025 gedaald: de meest gebruikte trucs van inbrekers

We spraken Jasmijn de Vries, woordvoerder korpsleiding bij de Nederlandse politie, over welke trucs het meest voorkomen en waar je het extra alert op moet zijn.
1. Plakband op de deurbel
Een simpele, maar sluwe truc waar nog altijd veel mensen door worden getroffen volgens de politie, is de plakbandtruc. Door plakband op de deurbel te plakken, blijft de bel continu rinkelen. Een bekende kattenkwaadstreek tijdens Luilak, maar voor inbrekers óók een manier om te controleren of er iemand thuis is. Doet er niemand open, of zit het stuk plakband er enkele dagen later nog op, dan weet de inbreker dat er niemand thuis is en hij kan toeslaan. Ook kunnen inbrekers op deze manier peilen hoe lang iemand van huis weg is.
Tip: Als je een stuk plakband op de deurbel vindt, haal dit er dan niet meteen af. Schakel in plaats daarvan de zekering uit. Er kunnen namelijk vingerafdrukken op zitten waardoor de politie de inbrekers mogelijk kan opsporen.
2. Afgedekt sleutelgat
Naast de deurbel is ook het afdekken van het sleutelgat een bekende methode om te controleren hoe lang iemand van huis is. Dit kan wederom met plakband zijn, maar ook cocktailprikkers worden vaak ingezet. Het is namelijk onmogelijk om een slot open te draaien als er een cocktailprikker in het sleutelgat zit. Als de prikker of het plakband er na een paar dagen nog steeds in zit, weet de inbreker dat de bewoners langere tijd van huis zijn.
3. Takje of papiertje
Tref je een takje tegen je voordeur of een papiertje tussen je deur of raam? Wees dan extra alert, want ook dit zijn bekende trucs die inbrekers toepassen om te kijken of bewoners langdurig van huis zijn.
Als de deur of het raam bij dagelijks gebruik wordt geopend, dan vallen de takjes en papiertjes op de grond. Maar als deze na een paar dagen nog steeds op dezelfde manier tegen de deur of tussen het raam zitten, is dat voor inbrekers een seintje om toe te slaan. Ook in dit geval is het verstandiger om het briefje niet weg te halen en de politie in te schakelen.
4. Post bij de deur
We gebruiken allemaal dagelijks onze smartphones en ook inbrekers weten hier handig gebruik van te maken. Zo gebruiken ze 'm bijvoorbeeld geregeld om te checken of de post zich inmiddels opstapelt. Ze maken een foto van de binnenkant van je brievenbus, of maken via het brievenbusklepje in de deur een foto van de deurmat. Zien ze de post opstapelen, dan weten ze dat je langere tijd van huis bent.
Tip: Ben je een tijdje weg van huis? Voorkom dan een uitpuilende brievenbus of een stapel post bij de voordeur. Vraag bijvoorbeeld je buren om dagelijks de post uit de brievenbus of van de deurmat te halen. Laat ze het vervolgens op een onopvallende plek in huis leggen.
Inbraakcijfers 2025: zo scoort jouw gemeente
5. Naar binnen babbelen
Maar ook als je gewoon thuis bent kunnen inbrekers toeslaan. Sterker nog, ze gaan gewoon met je in gesprek. Ze gebruiken vaak sluwe babbeltrucs waarmee ze zichzelf gemakkelijk naar binnen kunnen werken. De praatjes kunnen over van alles gaan, maar hieronder lees je de meest gemelde smoesjes:
- vragen om een glas water;
- vragen om de telefoon te gebruiken (bijvoorbeeld omdat ze autopech hebben);
- vragen of ze je toilet kunnen gebruiken;
- zeggen dat er mogelijk een gaslek is die ze binnen moeten onderzoeken, terwijl jij buiten wacht;
- ze doen zich voor als iemand anders, zoals een nieuwe buurman, een thuiszorgmedewerker, politieagent of een elektricien.
6. Fictief briefje voor de postbode
Inbrekers maken ook slim gebruik van het feit dat we steeds meer online bestellen en laten bezorgen. Door een fictief briefje bij de deur te hangen met de boodschap ‘Beste bezorger, wil je het pakketje in de schuur leggen?’, kunnen ze een pakketje onderscheppen en zo controleren of er iemand thuis is.
Ook in dit geval kun je de buren inschakelen om te letten op deze verdachte briefjes als je langer van huis bent. Of spreek met de postbezorgers af om pakketjes bij de buren af te leveren als je niet thuis bent.
7. Via een klein raampje
Kleine raampjes boven een deur of raam zijn ideale plekken voor inbrekers om toe te slaan, omdat deze vaak op een kier staan of slecht beveiligd zijn. Met een ladder werken ze zich dan in een mum van tijd naar binnen. Het is dus belangrijk om ervoor te zorgen dat elk raam in huis – hoe klein ze ook zijn – een goed slot heeft.
"De meeste inbraken worden gepleegd in rijtjeshuizen in wijken met oude woningen."
Hoewel de bovenstaande trucs waarschijnlijk al bij veel mensen bekend zijn, komen ze volgens De Vries nog steeds ontzettend veel voor in de praktijk. "Het is moeilijk om te zeggen welke trucs het meest voor komen, omdat ze allemaal zo divers zijn. Maar stenen op de oprit, takjes tussen de deur of elastiekjes aan de deurklink zijn trucs die heel vaak voor komen. Niet alleen in stedelijke gebieden, maar overal in Nederland. Al vinden in de grote steden wel de meeste woninginbraken plaats."
Wel zit er volgens De Vries een verschil in het type woning dat het meest in trek is bij inbrekers. "De meeste inbraken worden nog altijd gepleegd in rijtjeshuizen in wijken met oude woningen. Daar is het hang- en sluitwerk vaak toch minder goed."

Stoepkrijtmarkeringen
Met het advies om extra alert te zijn op dergelijke signalen, is het niet gek dat je ook in willekeurige voorwerpen of markeringen buitenshuis verdachte dingen gaat ziet. Zo krijgt de politie af en toe ook meldingen of vragen over stoepkrijtmarkeringen zoals op de bovenstaande foto. ‘Zijn dit voorbereidingen op inbraken, of zijn het onschuldige kindertekeningen?’, wordt er gespeculeerd in buurtapps. Volgens De Vries hoef je niet direct bang te zijn voor eventuele inbraaksignalen, maar is het altijd slim om alert te zijn. "Deze meldingen duiken af en toe op, maar er is nooit vastgesteld dat deze tekens door inbrekers worden geplaatst. In de praktijk blijken dit soort markeringen vaak afkomstig te zijn van nutsbedrijven. Bijvoorbeeld wanneer er werkzaamheden in de buurt plaatsvinden."

